Werkbank Academische vaardigheden


De probleemstelling

Met een probleemstelling geef je aan wat je precies aan de orde gaat stellen in je tekst en vanuit welke invalshoek je dat gaat doen. Op deze pagina worden de volgende zaken besproken:

  1. Functies probleemstelling: de probleemstelling preciseert het doel dat je met je tekst wilt bereiken, de probleemstelling bepaalt de reikwijdte van je tekst en de probleemstelling bepaalt ook welke informatie relevant is voor je tekst.
  2. Typen probleemstelling: er bestaan vijf verschillende soorten probleemstellingen. In academische teksten komen meestal verklarende of toetsende/evaluerende probleemstellingen voor.
  3. Kwaliteitseisen: de formulering van een probleemstelling moet precies en duidelijk zijn.

Het bedenken van een probleemstelling is moeilijk, op de pagina Procedure bedenken probleemstelling vind je over het bedenken van een probleemstelling meer informatie.

Functies van de probleemstelling

De probleemstelling heeft meerdere functies. Hieronder worden deze functies besproken.

  1. Met het bepalen van de probleemstelling preciseer je het doel dat je met de tekst wil bereiken. Niet alleen wordt duidelijk wat het thema van de tekst gaat zijn, maar ook wordt duidelijk vanuit welke invalshoek dat thema behandeld gaat worden. Neem bijvoorbeeld het thema 'nieuwe spellingvoorstellen'. Gaat je tekst de lezer informeren over de nieuwe spellingvoorstellen, of gaat de tekst de vraag beantwoorden waarom die spellingvoorstellen eruit zien zoals ze eruit zien? Of gaat de tekst aantonen dat de nieuwe spellingvoorstellen niet zullen leiden tot een betere spelvaardigheid onder middelbare scholieren? enzovoorts. Met de keuze van de probleemstelling baken je dus ook inhoudelijk je tekst verder af.
  2. Met het bepalen van de probleemstelling bepaal je ook de reikwijdte van de tekst: de verdere inhoud van de tekst moet in overeenstemming zijn met het type probleemstelling dat je gekozen hebt (zie ook typen probleemstelling). Als je gekozen hebt voor een probleemstelling die aankondigt de lezer te informeren over een aantal nadelen van de nieuwe spellingvoorstellen, mag je in de tekst niet opeens een aantal argumenten aandragen waarom je vindt dat nadeel A van groter belang is dan nadeel B. Je invalshoek was namelijk niet dat je ging afwegen welk nadeel het grootst is. De probleemstelling bepaalt dus ook als het ware de verdere organisatie van de tekst.
  3. Met het bepalen van de probleemstelling bepaal je ook welke informatie relevant is voor je tekst en welke informatie minder relevant of niet-relevant is. De probleemstelling vormt dus ook een selectiecriterium voor de inhoud.

Typen probleemstelling

Men onderscheidt in het algemeen vijf soorten probleemstellingen:

  1. Beschrijvende
  2. Verklarende
  3. Toetsende/evaluerende
  4. Adviserende
  5. Voorschrijvende/instruerende

In academische teksten komen de twee laatste typen zeer zelden voor.

(1) Beschrijvende probleemstelling

Beschrijvende probleemstellingen gaan over aspecten of kenmerken van een onderwerp of over de definiŽring van een onderwerp. In de bijbehorende beschrijvende teksten worden geen meningen of oordelen over het onderwerp van de tekst gegeven. Voorbeelden van beschrijvende probleemstellingen:

  • Wat is een vowelshift?
  • Welke oorzaken noemt de literatuur van de tegengestelde ontwikkelingen van vrijheid en lijfeigenschap in Europa (1200-1800)?
  • What are the main sources of information for the topography and monuments of Athens?

(2) Verklarende probleemstelling

Verklarende probleemstellingen stellen de vraag naar oorzaken van of redenen voor een bepaald verschijnsel. Voorbeelden van verklarende probleemstellingen:

  • Waardoor heeft de Generatieve Grammatica in Nederland zo'n invloed gehad?
  • Waarom is er zoveel verzet tegen de nieuwe spellingvoorstellen?
  • Hoe komt het dat zovelen aan het eind van de vorige eeuw dachten dat het met Europa gedaan was?
  • Hoe kon dit land het terrein worden van een beschaving, die terstond na de geboorte van staat en natie tot grote hoogte steeg?

(3) Toetsende of evaluerende probleemstelling

Bij toetsende of evaluerende probleemstellingen gaat het om de bepaling van de  'waarde' van iets. Soms gaat het daarbij in directe zin om toetsing: aan de hand van een aantal criteria gaat bekeken worden of een theorie iets wel of niet kan verklaren, en of een oeuvre wel of niet voldoet aan bepaalde eisen. Voorbeelden:

  • Is de projectietheorie in staat dit verschijnsel te verklaren?
  • Voldoet het werk van Carmiggelt aan de eisen die men aan literatuur stelt?

Vaak is het toetsingsidee wat indirecter, en gaat het er vooral op een of andere manier om te bepalen hoe iets gezien moet worden, danwel of iets wel of niet het geval is, aan de hand van een standaard of een aantal ijkpunten of criteria. Voorbeeld:

  • How does the novel as a new literary form differ from the prose of the past, from that of Greece, for example, or that of Middle Ages, or of seventeenth-century France?

Bij evaluerende probleemstellingen gaat het vaak expliciet om een vergelijking van een aantal zaken, met als resultaat van die vergelijking een bepaalde keuze. Voorbeelden:

  • Welke onderzoeksmethode is bij corpusonderzoek het meest geschikt?
  • Welke nadelen van de nieuwe spellingsvoorstellen zullen de acceptatie van de voorstellen het meest in de weg staan?

(4) Adviserende probleemstelling

Adviserende probleemstellingen behandelen de wenselijkheid van bepaalde veranderingen en/of behandelen de vraag hoe die veranderingen tot stand moeten worden gebracht. Voorbeelden:

  • Hoe moet de kwaliteit van de dienstverlening verbeterd worden?
  • Op welke wijze moet het rookverbod ingevoerd worden?
  • Wat moet de Letterenfaculteit van de VU doen om meer belangstelling bij studenten te wekken?

Gezien het karakter van academische teksten zul je adviserende probleemstellingen niet vaak gebruiken. Je bent in academische teksten altijd bezig het 'waarom' van iets te doorgronden, je presenteert een bepaalde (theoretische) gedachtegang of onderzoekt hoe iets in elkaar zit. Adviseren doe je meestal op basis van zulk denkwerk, bijvoorbeeld in rapporten en nota's.

(5) Voorschrijvende of instruerende probleemstelling

Voorschrijvende of instruerende probleemstellingen stellen 'vragen' over hoe iets moet. Voorbeelden:

  • Hoe bedien je een magnetron?
  • Hoe kun je het beste slecht nieuws brengen?
  • hoe schrijf je een helder en aantrekkelijk werkstuk?

Instruerende probleemstellingen zul je niet gebruiken in de academische context. Je bent in academische teksten altijd bezig het 'waarom' van iets te doorgronden, je presenteert een bepaalde (theoretische) gedachtegang of onderzoekt hoe iets in elkaar zit. Instrueren doe je meestal op basis van zulk denkwerk, bijvoorbeeld in handleidingen.

Kwaliteitseisen

Een probleemstelling moet helder, concreet en precies geformuleerd worden:

  • Het karakter van de probleemstelling (het type) moet duidelijk op te maken zijn uit de feitelijke formulering. Als je de probleemstelling als een vraag formuleert, zijn woorden als 'hoe', 'waardoor', 'waarom' etc goede signalen. Als je de probleemstelling in een 'lopende zin' formuleert, moet je zorgen dat je werkwoorden gebruikt die een duidelijke aanwijzing geven over het type probleemstelling. Voorbeelden:

    1. [...] over de organisatie van het werk van de tekstschrijver bieden wij in dit artikel enige informatie. [beschrijvend]
    2. dit werkstuk beoogt te verklaren hoe het komt dat de Generatieve Grammatica in Nederland zo'n invloed gehad heeft. [verklarend]

  • Het kan soms nuttig zijn om heel expliciet ook in de formulering duidelijk te maken dat je inderdaad de probleemstelling van je tekst presenteert. daarmee verleen je de probleemstelling namelijk nog eens extra nadruk. Voorbeelden:

    1. De probleemstelling van dit onderzoek luidt: ....
    2. Dit werkstuk wil vooral deze vraag beantwoorden: ....
    3. Dat is dan ook de centrale vraag van deze studie.
    4. Het literatuuronderzoek moest een antwoord opleveren op deze vraag: ...

  • De probleemstelling moet zo precies mogelijk geformuleerd worden. Daarmee kan de probleemstelling het beste aangeven welke inhoud in de rest van het stuk aan de orde zal komen. Een probleemstelling als 'ik zal in dit werkstuk nagaan of de Europese eenwording goed is' geeft een veel te algemene (en dus vage) aanwijzing over de feitelijke inhoud die aan de orde gaat komen. Een probleemstelling als 'ik zal in dit werkstuk nagaan of de Europese eenwording goed is voor de concurrentiepositie van de Nederlandse boeren', bakent het terrein van een werkstuk veel beter af - voor de lezer maar ook voor de schrijver (zie ook functies van de probleemstelling).

    Voorbeeld

    Probleemstellingen met een toenemende graad van preciesie

    Thema: spellinghervorming

    1. Is de spellinghervorming goed?
    2. Is de spellinghervorming goed voor ons land?
    3. Is de spellinghervorming goed voor de Nederlandse scholieren?
    4. Is de spellinghervorming goed voor de schrijfvaardigheid van de Nederlandse scholieren?

    Let er in dit verband op dat duidelijk moet zijn wat je verstaat onder de termen die je in je probleemstelling opvoert. In dit voorbeeld dus termen als goed en de schrijfvaardigheid.

Overige pagina's in deze rubriek: Introductie   Inleiding   Middenstuk   Conclusie   Discussie   Alinea