Toolkit Academische Vaardigheden
Toolkit Academische Vaardigheden

Richtlijnen

In verband met de eis dat elke publicatie eenduidig moet worden geïdentificeerd, bevat een titelbeschrijving in zijn algemeenheid altijd drie hoofdonderdelen:

  1. gegevens over de auteur(s) of redacteur(s) van een publicatie;
  2. gegevens over de titel van een publicatie;
  3. gegevens die te maken hebben met de uitgave van een publicatie.

De invulling daarvan hangt nauw samen met het type publicatie. Drie veel voorkomende publicatietypen zijn het boek, het artikel in een wetenschappelijk tijdschrift en het artikel in een boek (bijvoorbeeld in een congresbundel of een verzameling artikelen van verschillende auteurs over een bepaald onderwerp). Voor deze publicatietypen vormen de onderstaande elementen een essentieel onderdeel van de titelbeschrijving, waarbij de volgorde kan verschillen per vakgebied. Elementen die vaak voorkomen, maar niet in elke citatiestijl verplicht zijn, zijn daarbij tussen vierkante haakjes geplaatst.

Boek: auteur(s), titel, jaar van uitgave, [naam uitgever], [plaats van uitgave]
Artikel in wetenschappelijk tijdschrift: auteur(s), titel artikel, jaar van publicatie, titel van het tijdschrift, editie, [nummer], paginanummer(s) van het artikel
Artikel in een boek: auteur(s), titel artikel, titel van het boek, redacteur(s) van het boek, aanduiding ‘ed.’, ‘eds’ of ‘red.’, jaar van uitgave van het boek, [naam uitgever], [plaats van uitgave], paginanummer(s)van het artikel

Gegevens voor de titelbeschrijving ontleen je in eerste instantie aan de titelpagina van een publicatie. Dit is de pagina waarop in de regel de naam van de auteur, de titel van het boek en gegevens omtrent druk, plaats en jaar van uitgave voorkomen. Je volgt voor je titelbeschrijving ook altijd de spelling die op die titelpagina gehanteerd wordt. Aanvullingen zijn vaak te vinden op de keerzijde van de titelpagina, de pagina tegenover de titelpagina, het colofon en het omslag

Als wordt gewerkt met nummersysteem voor verwijzingen (zie Verwijzen in de tekst), wordt de literatuurlijst geordend op de nummers die voor de verwijzingen worden gebruikt. In alle andere gevallen is de literatuurlijst alfabetisch geordend op de achternaam van de auteur (of, als de auteur niet bekend is, op de naam van de organisatie die verantwoordelijk is voor de publicatie).

Vakspecifiek

Er bestaan veel variaties in de volgorde waarin de hoofdonderdelen, of de elementen binnen deze onderdelen, in een titelbeschrijving worden opgenomen. Dit hangt samen van de voorgeschreven of gekozen citatiestijl. Het grootste verschil is wel dat tussen het auteur - jaartal systeem en het auteur - titel systeem. Er zijn echter ook kleinere volgordeverschillen. Ook zijn er verschillende afspraken over de interpunctietekens die gebruikt worden om de (elementen van) onderdelen in een titelbeschrijving van elkaar te onderscheiden. Om aan te geven hoe titellijsten in citatiestijlen kunnen verschillen, geven we een voorbeeld van de titelbeschrijving van een artikel in een wetenschappelijk tijdschrift in de stijlen APA 7th (voorbeeld 1; auteur - jaartal systeem) en MLA 9 (voorbeeld 2; auteur - titel systeem):

Takano, S. (2005). Re-examining linguistic power: Strategic uses of directives by professional Japanese women in positions of authority and leadership. Journal of Pragmatics, 37(5), 633-666. https://doi.org/10.1016/j.pragma.2004.06.007

Takano, Shoji. "Re-Examining Linguistic Power: Strategic Uses of Directives by Professional Japanese Women in Positions of Authority and Leadership." Journal of Pragmatics, vol. 37, no. 5, 2005, pp. 633-666, https://doi.org/10.1016/j.pragma.2004.06.007.

Het is belangrijk om die conventies te hanteren die in je eigen vakgebied gebruikelijk zijn. Nog belangrijker is het om een bepaalde manier van titelbeschrijving, als je die eenmaal voor je werkstuk of scriptie gekozen hebt, consequent toe te passen. Een zgn. reference manager kan je hier goed bij helpen (zie Reference managers).

Overigens kennen verschillende vakgebieden ook specifieke publicatietypen, die een even specifieke titelbeschrijving vereisen, waarin ook speciale elementen een rol spelen. Denk daarbij bijvoorbeeld aan patenten, beleidsnota’s, wetsartikelen, oude manuscripten, archiefbronnen, webpagina’s, tentoonstellingscatalogi, films, games, etc. Zie ter illustratie dit overzicht van de verschillende reference types die de reference manager EndNote onderscheidt.